In een Engelse dictionaire staat op elke pagina minstens één woord dat uit het Nederlands afkomstig is, let- terlijk of qua klankkleur herkenbaar. Nooit nagezocht natuurlijk, maar het is wel een mooi argument als er door- geslagen taalpuristen aan het woord zijn. Elke taal is nu eenmaal ook een beknopt verslag van de geschiedenis van een gemeenschap. Zulke woorden worden leenwoorden genoemd, wat onzin is, want het zijn gewoon pik- woorden geworden. In een column in Trouw van dinsdag geeft Youssef Azghari een mooi voor- beeld van hoe dat proces in de Ma- rokkaanse cultuur in Nederland ver- loopt. Als ze onder elkaar een af- spraak maken, dan zeggen zij er ‘in sja’a Allah’ bij, als God het wil. Dat klinkt naar Deo Volente zoals Andries
|
Knevel dat graag gebruikt. Maar die bedoelt het niet zoals de Marokkanen: er kan altijd iets tussen komen. Kne- vel bedoelt: onder het voorbehoud dat God mij komt halen, of u. ‘In sja’a Allah’ is een vriendelijke frase, waar je niet ver mee komt in een cultuur die voor een belangrijk deel drijft op afspraken over tijdstippen waar een mens zich aan moet houden. Als Ma- rokkanen gevraagd wordt iets typisch Nederlands te noemen, dan hoor je vaak dat je met Nederlanders een afspraak moet maken als je bij ze op bezoek wilt, terwijl je bij Marokkanen altijd kunt binnenvallen. Een lossere omgang met het hele leven lijkt op gastvrijheid, maar er zit ook een ge- brek aan discipline in. Want kijken ze het ene moment helemaal niet op hun
|
horloge, het volgende, als ze moeten bidden of tijdens de ramadan weer mogen eten, weten ze precies hoe laat het is. Cultuur. De arabist Azghari doet onder meer onderzoek naar de leenwoorden tus- sen het Nederlands en Marokkaans en stelde vast dat met name door het informele circuit, werk, gezondheids- zorg en onderwijs, Nederlandse woor- den in het Marokkaans Arabisch te- recht komen. Zo ontdekte hij nu dat het woord afspraak door Marokkanen wordt gebruikt. Afspraak is afspraak, daar zet je een tijd bij en dan kom je die afspraak ook na. Een prachtig voorbeeld van hoe integratie, lang- zaam maar zeker een vorm vindt. Omgekeerd, een Nederlander die er een woordje Marokkaans doorheen gooit, hoor je nog zelden.
|