Alles goed en wel qua Arafat en Ka- merdebat, maar ik had donderdag- avond in het NOS Journaal in de eer- ste plaats een portret willen zien van ‘mevrouw Irma Heijmans’, de konin- gin van het vrije woord uit het Laak- kwartier. Tot het laatste moment op haar post gebleven. Marga van Praag banjerde wel door de buurt maar stuitte op een muur van stilzwijgen. Waar Nederlanders dan graag hun gezicht in de plechtigste plooi trekken om ‘geen commentaar’ te zeggen zo- als een minister van vijfentwintig jaar terug, daar waren de Haagse Marok- kanen nog authentiek onthutst van die plotseling naar voren stappende kordate mevrouw met die grote ca- mera achter haar aan. Nee, dan Uden, waar dames met strakke hoofddoek om in prachtige volzinnen hun angst
|
en afschuw betuigden, inclusief een originele benedenmoerdijkse zacht g. ’Mevrouw Irma Heijmans’ zat tijdens de Haagse belegering steeds in het NOS Journaal als iemand van Clin- gendael waar ze alles weten van gene zijde van onze landsgrenzen. Ze zat aan de telefoon als de enige welinge- lichte bron in de wijde omtrek. En ik de hele tijd maar denken: waarom heb ik nooit eerder van haar verno- men? Ferry, het wordt spannend in de Tweede Kamer, heb jij ‘mevrouw Irma Heijmans’ al gesproken? Hoe kwamen ze aan haar? Had ze zelf gedacht, weet je wat, al die herrie buiten, ik kan toch niet meer slapen, ik zal de NOS eens bellen, misschien krijg ik Philip Freriks wel aan de lijn. Werd Aldit Hunkar, streng en steeds ge-
|
spitst op wat er zich in haar andere oor afspeelde. Of is het de oude tante van een der stagiaires bij het Jour- naal? Ik kan me namelijk niet voor- stellen dat Laroes ze het telefoonboek heeft laten afbellen om uiteindelijk bij de enige nog aanwezige bewoner, ,,ik weet ook niet waarom”, ‘mevrouw Irma Heijmans’ uit te komen. Zodra er weer een vers journaal werd opgestart kwam de nieuwe corres- pondente aan het woord over wat er allemaal gebeurde. Vooraf fascinerend om te horen dat ze het hele pand in kwestie niet eens kon zien. Moderne journalistiek. Dinsdag hoorde ik in het journaal een collega van ‘mevrouw Irma Heijmans’, over het wachten op de brief van Remkes en Donner ver- zuchten: ,,Er zat weinig anders op dan bij de feiten te blijven.”
|