Heb ik minister Verdonk dan horen klagen omdat premier Balkenende mede namens de koninklijke familie over een heel laag incasseringsver- mogen bleek te beschikken toen het over het aalgladde terrein van de sati- re ging? Had ze vakantie toen Balke- nende wegens een laag tolerantie- vermogen mede namens de coach van het Nederlands elftal een brief naar de Volkskant stuurde betreffende een column van Jan Mulder? En dan was er nog niet eens iets loos qua godsdienstige gevoelens. Het ging in het eerste geval om iets te hard van klits, klats, klandere op de tv wegens het voorgenomen huwelijk van een koningskind met een meisje dat onder haar soort mensen een zeilvriend had gehad die naar later bleek de eerste grote maffiabaas van Nederland werd.
|
En in het tweede geval ging het er- over dat iedereen het eens was dat er wat moest gebeuren tijdens een of ander potje voetbal maar dat de coach een stommiteit beging, waarop hij van alles naar z’n hoofd geslingerd kreeg waar zelfs nog nooit een wed- strijd voor was gestaakt. Bij nadere beschouwing was ze het dus toen al hartgrondig oneens met de premier en al helemaal met diens secondant Donner; het is maar goed dat hun hele normen en waarden ge- doe nooit van de grond is gekomen want dan hadden ze in onze minister van deportatie – daar ergens ligt haar tolerantiegrens dan weer, een kolos- sale bestrijdster van het kabinetsbe- leid gevonden. Maar afgezien van tolerantieniveau en
|
incasseringsvermogen meest interes- sante vraag is natuurlijk: wat kan er nog wel volgens de eventueel aange- scherpte normen van Donner? Ben je vogelvrij als ongelovige hond of maatschappelijk permanent gedesillu- sioneerde, of mag je dan in eigen be- heer iets dierbaars uitzoeken waar de rest van de wereld z’n mond over moet houden? En komt er een speci- aal hoofdstuk in de wet voor gelovige en ongelovige Amsterdamse taxi- chauffeurs? Zie zo’n debat met de LPF voorop van de zonnigste zijde: het wordt weer een uitdaging om verbale uppercuts te verzinnen en geschreven knock-outs. Men hoort haar al jui- chen, die mevrouw die in een volgend leven niet terug zal keren als minister maar als koelelement voor in de cam- pingbox.
|