In de tijd dat mijn vader onderwijzer was in een klein Brabants dorp, wer- den kinderen die niet konden leren gewoon tot hun veertiende op de la- gere school gehouden. Daar had hij er eens een van in de klas, een stevig uit de kluiten gewassen meisje. De lees- lessen werden gegeven uit een boek waarin telkens weer gewoon van vo- ren af aan begonnen werd. En op een dag stak dus dat meisje haar vinger op toen er kandidaten werden ge- vraagd om voor te lezen. Het was zo zielig om haar steeds over te slaan, dus kreeg zij de beurt. En tot ieders verbazing las ze een hele pagina zon- der een fout te maken voor. Tot ze in het verhaal over kinderen die harmo- nietje speelden aankwam bij: ,,En Teun sloeg met de deksels.” Ze las: ,,En Teun sloeg met de potschelen.”
|
Pas toen viel ze door de mand, bleek dat ze inmiddels het hele boek uit haar hoofd kende en alleen het pan- nendeksel verving door het regionaal gangbare woord daarvoor, potscheel. Op haar veertiende raakte ze volgens de Verdonk-norm geheel ingeburgerd, klaar voor levenslang een dienstje. Amper drie maanden geleden begon de stichting Sire met de campagne ‘Wie dit niet lezen kan is niet gek’. In Nederland leven anderhalf miljoen functioneel analfabeten. Hebben voor het merendeel de lagere school door- lopen want het zijn vooral autochtone Nederlanders die met dit probleem kampen. Nooit iets aan opgevallen, maar kunnen nauwelijks lezen, schrij- ven en rekenen. Voeg daarbij de twin- tigste generatie autochtone Nederlan-
|
ders, die dan weer dikwijls voortreffe- lijk uit de voeten kunnen op de schaats, maar die vanwege de rest van de bevolking ondertiteld moeten worden wanneer ze sprekend worden opgevoerd op de televisie, en er is volop werk aan de winkel. Te volop, hoor je minister Van der Hoeven al roepen. Maar om Verdonks inburgeringsideaal gestalte te geven zonder te discrimi- neren, de minister schijnt zelf op de universiteit geweest te zijn maar ze is op dit onderdeel niet echt begaafd, zullen we maar zeggen, moeten alle inwoners van Nederland die niet kun- nen aantonen de lagere school te hebben afgemaakt, terug naar een inburgeringscursus. Je ziet het com- promis al van verre aankomen: als ze maar een hand kunnen geven.
|