De soapserie ‘Onderweg naar morgen’ zit volgend jaar bij de Tros. Yorin vond het te duur worden en die had- den ‘m al overgenomen van Veronica die ermee begon toen die zender (weer) tijdelijk een publieke omroep was. Het heeft iets van zo’n voetballer die fladdert van een net uit de eredi- visie gedegradeerde ploeg naar een elftal dat een periodetitel wil en dan ineens weer tijdelijk wordt uitgeleend aan een club die anders niet tot elf spelers zou komen in verband met de griep. Tot niemand meer van ‘m hoort of naar ‘m vraagt. ‘Onderweg naar morgen’, dikwijls afgekort als de voetbalclub ONM, heeft een vast pu- bliek van enkele honderdduizenden jongelui dat volgend seizoen het zo- geheten slot van half acht moeten vullen voor Nederland 2. Het is eigen
|
lijk alleen een tactische aankoop van de Tros – net Talpa: moeten anderen maar zien hoe ze daar op dat tijdstip overheen komen. Zoiets past helemaal bij soaps op z’n Hollands. In Amerika drinken de hoofdrolspelers in een soap buiten de opnamen elkaars bloed. Echter, alleen in geval van grote nood wordt een personage vervangen, maar zodanig dat, mocht hij binnenkort van zijn nieuwe vriendin toch weer meedoen, hij zonder mankeren terug in de reeks geschoven kan worden; gevonden in Afrika, of zo. In Nederlands meest succesvolle soap, ‘Goede tijden, slechte tijden’, worden inmiddels de rolbezetting en dus het verloop van het verhaal bepaald door ruzie en achterklap. Kijken een miljoen men-
|
sen per dag naar. Per week schijnt het dat iemand om ‘iets’ er uit moet – vraag mij niet wie of hoe ze eruit ziet, want ik zie ’t nooit. Dan moet er ie- mand weg vanwege sterallures, dan denkt iemand dat ‘ie er zelf uit wil, blijkt een week later dat ‘ie moet, dan wordt er iemand vervangen om niet nader genoemde redenen, dan ver- trekt er iemand omdat ze een rol krijgt in een musical van Joop van den Ende. En nu moet ene Fajah eruit, las ik, ja, want ze zat de hele tijd af te geven op soaps. Ze gaat dood en wordt begraven, die zien we nooit meer terug. Ze heeft inmiddels haar hoop gevestigd op een filmrol, ,,maar er is nog niets concreets.” In mijn eigen soap is de hoop gevestigd op de hoofdprijs in de lotto, maar er is nog niets concreets.
|