Nauwelijks heeft Hilbrand Nawijn z’n denktank met Filip de Winter opge- dragen aan Marnix van Sint Aldegon- de, waar ik van weet dat hij kort bur- gemeester van Antwerpen is geweest en verder het Wilhelmus bij elkaar gerijmd heeft, dat nog niet zo gek lang geleden als ons volkslied is geïn- troduceerd, of de hoofdcommissaris- sen van politie hebben al een boek geschreven waarin zij ons adviseren qua veiligheidsbeleid ook terug te keren naar de tijd van Marnix van Sint Aldegonde, of zelfs ver daarvoor. Be- waakte wallen rond de stad, ophaal- bruggen en toegangspoorten die bij zonsondergang dicht gingen, de aids- patiënten alleen buiten met een ratel. Ik zag zo’n moderne hoofdcommissa- ris in ‘Nova’ dit inzicht van onze voor- ouders liederlijk aanprijzen. Langs
|
elektronische weg wilde hij de moder- ne criminaliteit aanpakken zoals de verlichte geesten van rond 1200 dat hadden bedacht; ze konden hun eigen naam niet eens schrijven maar ze wisten hoe om te gaan met boeven. Vraagje terzijde: moesten in de tijd van de ophaalbruggen de dieven nog uitgevonden worden? Of werd er on- danks die bruggen, wallen en stads- poorten, de schout en de nachtwacht toch nog gejat, gemoord en ver- kracht? Je leest wel eens een boek over die tijd, maar blijkbaar toch niet met het oog van een hoofdcommissa- ris. Overal camera’s langs de straten en als je niks misdaan hebt, dan heb je ook niks te vrezen. Peter R. de Vries leeft van het tegendeel. De hoofdcommissaris had vanwege een
|
ontsnapte tbs’er vooral het gezonde volksgevoel gehoord dat helemaal geen boodschap meer heeft aan pri- vacy. Hij zette zonder moeite de stap van een opgewonden reactie op één betreurenswaardig incident naar de roep om een compleet gecontroleerde maatschappij. Overal camera’s, alle mobieltjes afgeluisterd, de flappentap van minuut tot minuut bijgehouden, de computer voortdurend bekeken, combineren, reduceren, deduceren: de moderne mens kan alleen nog een natuurlijke dood sterven en als de medische wetenschap opschiet dan dat zelfs niet eens. Ik sluit niet uit dat een mens een zeker gevoel van vei- ligheid overhoudt aan zo’n boek van de politiechefs. Zoals Marnix van Sint Aldegonde al zei: mijn fiets hebben ze nooit gejat.
|