Nog schieten mij de tranen in de ogen bij de gedachte aan die man die op zondagmiddag zo tegen vijf uur voor het Centraal Station van Amsterdam verscheen en dan zijn gestencilde sportnieuws verkocht. Nog van dat stugge dikke papier. En de inkt was altijd een beetje vettig. Met zijn Ne- derlands had hij tegenwoordig op de PABO nog aardig mee kunnen komen. Hij maakte er geen geheim van dat hij naar de radio had zitten luisteren en daar al zijn informatie vandaan had gehaald. Sommige doelpuntenmakers had hij maar half verstaan zodat soms volslagen onbekende spelers voor de prachtigste treffers hadden gezorgd. De nieuwe stand in de eredivisie maakte hij zelf op, daar wilde ook nog wel eens een foutje in sluipen, want optellen was niet zijn fort. Ook mocht
|
hij graag de uitslag van Parijs- Roubaix meenemen met de namen van de eerste vijf aankomenden min of meer fonetisch gespeld: Joderaux, bedoeld werd Jo de Roo. Maar op weg naar huis, werd je langs die weg mooi bijgepraat wat het laatste sportnieuws betreft. Zijn krant had ook een zelfge- tekende naam, maar die is me ont- schoten. Of was het toch gewoon Sportparade, zoals mijn geheugen eigenwijs blijft oplepelen? Soms was je te laat, was hij al uitverkocht, moest je tot de volgende morgen wachten voor alle details. En nu, meer dan dertig jaar later gaat het Algemeen Dagblad het proberen met een zelfstandig sportdagblad. De zomer is van de sport. Deze keer met de Olympische Spelen en het EK
|
voetbal, naast vaste nummers als de Tour de France, Wimbledon en niet te vergeten de Vierdaagse van Nijme- gen. Het AD vertrouwt erop dat er voldoende belangstelling bestaat. Mis- schien dat dan de sportkrant na de zomer blijft verschijnen. Even een geheimpje onder ons: hoewel een groot sportliefhebber lees ik al jaren geen sportpagina’s meer. Soms een stukje Ajax voor de ergernis. Hooguit een enkele column, slechts in geval van grote calamiteiten een heel artikel maar dan moet het wel van een van de hooguit drie echt goede sportjour- nalisten zijn. Wat ik wilde weten krijg ik meestal stante pede aangeleverd door radio en tv, eventueel met tele- tekst erbij. Nog erger: al jaren kom ik niemand tegen die ze wel leest. Maar dat houden we geheim.
|