Ik ben nog begonnen met het boekje ‘Ken uw sport: kamperen’. En hand- leiding voor wat we nu een survival- tocht zouden noemen. Als je een Zwitsers zakmes had, kwam je de hele wereld door, hoefde niet eens een tent bij. De grootste kluns ging nog een puike kampeervakantie te- gemoet ging. Enfin, ik kon na een paar weken oefenen in de achtertuin met dat ding een verantwoord vier- kant gat graven en daarna met be- hulp van sprokkelhout de latrine op- bouwen. Kwamen we aan op de cam- ping, bleek dat er al een toiletgebouw stond. Alles hadden we bij ons, maar de eerste kampeerder die we zagen, had een rol toiletpapier onder de arm, terwijl wij uit dat boekje geleerd had- den dat het papier waarin het brood verpakt was, bijvoorbeeld, nog goede
|
diensten kon bewijzen bij het aanste- ken van een kampvuur of in de latri- ne. Er stond overal bordjes met: tran- sistorradio’s verboden. Open vuren eveneens. Jongenskamp: links! Ver- boden na 22.00 uur lawaai te maken. Er bleek een kampwacht te zijn die als het donker was onverhoeds de rits omhoog deed om te zien of er op het jongenskamp geen meisjes binnenge- smokkeld waren. Een sport kon je het niet noemen. Het was de goedkoopste manier van re- creëren, die op een of andere manier ons land sindsdien zwaarder en vooral langduriger heeft getroffen dan enig ander land op de wereld. In Afrika is het geen recreëren. Ik ben nog wel eens tot in de punt van de laars van Italië geweest, maar nog steeds wa-
|
ren wij in de meerderheid. Ze krijgen ons de tent niet uit, hoewel een beetje Turkse camping per dag al duurder is dan daar een hotelkamer met zicht op zee. En een eigen toilet. Maar het schijnt nu toch dat we aan het gaatje zitten qua binnenlands tenttoerisme dan. Tenminste, de Re- cron heeft zijn leden gewaarschuwd dat het roer om moet. Tegen de regen kun je niet concurreren, ’t klinkt al- leen zo gezellig op het tentzeil, maar je kunt een beetje kampeerder wel als doelgroep zien en daarop anticiperen. Keuze! De campings moeten zich klantgericht gaan specialiseren. Ik vrees dat men naast de stiltecamping en de éénoudercamping, moet denken de relicamping, de Oranjecamping en mijn eigen geen enkele andere Hol- lander in de buurt-camping.
|