Erik Breukink mocht al niet meer zon- der oortje naar de bakker. Puntje vei- ligheid, zei z’n vrouw. Alle argumen- ten die de voormalige wielermatador op de keukentafel had gegooid, wer- den er door haar met een zwaai vanaf geveegd. Tot hij het hoge woord eruit gooide: jij wilt mij honderd procent kunnen controleren, omdat je vreest dat ik met haar van de kadetten aan- pap. Ikke?, snerpte vrouwtje Breu- kink, hoe kom je daar nou bij, het gaat mij alleen maar om jouw eigen veiligheid. Valhelm op, oortje in, va- der gaat boodschappen doen. De oortjesdiscussie is er natuurlijk een die in alle oude sporten voor- komt. In de voetballerij houden ze ook elke reglementenvernieuwing op 220 volt angstvallig buiten de deur, want het schijnt juist zo leuk te zijn
|
dat scheidsrechters verkeerde beslis- singen nemen die niet meer terug te draaien zijn, zeker als ze ook nog on- dersteund worden door een grens- rechter die te onpas vlagt en een vierde official die zogenaamd uit ver- antwoordelijkheidsbesef ineens in- grijpt terwijl hij tot dat moment alle fouten liet passeren alsof hij niets in de gaten had. Niets onkreukbaarder op deze aarde, naar het schijnt, dan een Nederlandse scheidsrechter. En dan wordt de trainer wegens een ver- keerd overgekomen uitroep (Pannen- koek!) naar de tribune verbannen, neemt hij z’n mobieltje ter hand en gaat ‘ie z’n assistent opdrachten ver- strekken. Kan dat wel? Dat kan wel, vindt de hele voetbalwereld, zolang hij de webcam er maar niet bij aan-
|
zet. Dat is te eigentijds. De hele zogenaamde oortjesdiscussie maar van me af laten glijden. Gezwa- tel dat geheel past bij een spot waar om de tachtig kilometer ineens alle- maal wat slordige mannen langs de weg staan met zogeheten musettes, de etenszakjes, in de hand gevuld met taartjes en chocoladerepen voor de mannen op de fiets. Die pakken ze aan in een manoeuvre waarvoor je op turnen zou moeten zitten. Het eten komt door. En als zo’n coureur er dan wat bij wil drinken, dan vraagt hij een knecht in een te groot truitje, om een bidon te gaan halen, neem er meteen maar tien mee. In de auto hoort Breukink op zijn oortje dat de ober in aantocht is en zegt tegen zijn bedien- de dat ze gewoon water krijgen, geen Spa. Het is hier heus de moderne tijd.
|