Zaten we al een tijdje op te wachten, maar daar is ‘ie weer, de discussie over de vraag of er niet een soort gezondheidsrisicomonitor moet ko- men ten bate van de zorgverzekering. Sinds het marktdenken de boel vergif- tigd heeft, komt dit soort kwestie vanzelf terug als de bonussen voor de directie wat tegenvallen. Het is vol- gens sommigen net zo bekend als het smelten van de gletsjers op de Hima- laya dat roken slecht is voor de mens en tegenwoordig moeten ze ook nog buiten op straat paffen waardoor het risico van een stevige longontsteking er nog eens bij komt. Zo gek is het niet dat die lui extra zouden moeten betalen voor hun verzekering. Benoeming van uitzonderingen is vra- gen om moeilijkheden. Waarom heb- ben ze het zuipen er niet bij staan?
|
Dat schijnt ook nogal wat lichamelijke gevolgen te hebben, nog afgezien van vader die in het café de ober het zie- kenhuis in ramt omdat hem niet meer geschonken wordt. De gevolgen van sportbeoefening zijn een belangrijke leverancier van de werkgelegenheid in de medische sector; afgelopen maand werden de gebroken heupen, polsen en de hoofdwonden per vier tegelijk door de ambulances afgeleverd ten gevolge van de ijspret. Dan moet het voorjaar nog beginnen, als de motor- rijders weer naar buiten durven en massaal dodelijk verongelukken. De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg zegt het ten bate van de sympa- thieke klank en dus de haalbaarheid, natuurlijk precies andersom, name- lijk: mensen die niet roken, regelma-
|
tig nog heel raar verkleed langs de openbare weg sjokken en lui die geen aanleg hebben voor vervetting, moe- ten minder premie betalen. Als de gezonde mens de standaard is, moe- ten rokers, vetkleppen en bankzitters méér betalen. Maar als je die groep als standaard neemt moet de gezon- der levende mens minder betalen. Korting? Dat klinkt sympathiek. Daar plak je dan een regeling aan vast waardoor toch al noodlijdende paffers niet onder de armoedegrens zakken met hun premies en presto, weer een adviesje voor minister Ab Klink, die een dezer dagen nog tamelijk onaan- genaam getroffen gaat worden door het eerste ziekenhuis dat niet meer te redden failliet gaat. Lijkt me de hoog- ste tijd voor parlementaire woede – slecht voor het hart maar ‘t lucht op.
|